Wie een bos van kleur wil zien verschieten, hoeft niet ver de bergen in. In Tuscia, op iets meer dan een uur rijden van Rome, boven het dorp Soriano nel Cimino, staat het oude beukenbos van de Monte Cimino: bomen van meer dan twee eeuwen oud, lavablokken zo groot als huizen en, tussen oktober en november, een bladerdak dat van groen naar goud en dan naar koper kleurt. Het zijn de herfstkleuren die het dichtst bij Rome liggen, en vanaf de villa rijdt u er in een half uur heen, bocht na bocht door de kastanjebossen. Met z'n tweeën is het ook de makkelijkste start van een romantisch weekend bij Rome: 's ochtends het bos, 's avonds eten in een dorp in de Cimini.
Een bos op de Werelderfgoedlijst
Op 7 juli 2017 voegde UNESCO het beukenbos van de Monte Cimino toe aan het werelderfgoed 'Oude en oorspronkelijke beukenbossen van de Karpaten en andere regio's van Europa', dat de grote beukenbossen van half Europa verenigt, ook in België. In Italië horen er onder meer de Foreste Casentinesi, de Foresta Umbra op de Gargano en de beukenbossen van het Nationaal Park van de Abruzzen bij.
Zuiver beukenbos beslaat hier zo'n 60 hectare, waarvan 57,5 door UNESCO beschermd, en loopt door tot aan de top van de Cimini-bergen, op 1.053 meter. De bomen zijn gemiddeld zo'n 150 jaar oud, sommige ruim boven de tweehonderd. In de ondergroei groeien hulst, cyclamen en sneeuwklokjes; tussen de stammen leven reeën, boommarters en wilde katten.
De berg is een uitgedoofde vulkaan. De trachietblokken tussen de bomen zijn wat er van de uitbarstingen over is, en ze geven het bos iets sprookjesachtigs.
Wanneer gaan: de kleur komt tussen oktober en november
De gemeente Soriano noemt oktober en november de maanden van de herfstkleuren. Het hoogtepunt valt meestal tussen eind oktober en begin november, maar een vaste datum is er niet: het hangt af van warmte, regen en de eerste koude nachten. Kijk voor vertrek naar recente foto's en kies, als het kan, een zonnige dag na een paar frisse nachten.
Ga 's ochtends. Het lage licht tussen de stammen is dan het mooist, en het is nog stil in het bos. Boven zit u op duizend meter: ook als de zon in het dal schijnt, neemt u beter een extra trui mee.
De wandeling: een makkelijke rondwandeling van twee kilometer
U hoeft geen wandelaar te zijn. Vanaf de parkeerplaats boven, aan de rand van het beukenbos, begint de rondwandeling 'Het oude beukenbos van de Monte Cimino': ongeveer 2 km, zo'n honderd meter klimmen, een uur op uw gemak. U loopt tussen de grootste beuken, komt langs de wiebelsteen en bereikt met een kort ommetje de top. Prima met kinderen die gewend zijn aan bospaden en wortels; de kinderwagen laat u in de auto.
Wie verder wil, vindt gemarkeerde paden naar Soriano en richting Caprarola. Trek schoenen met een goed profiel aan: in de herfst verbergen de bladeren stenen en wortels, en na regen is het glad.
De Sasso Menicante, de steen die beweegt
Net onder de top ligt de Sasso Menicante, ook Sasso Naticarello of Rupe Tremante genoemd: een trachietblok van zo'n 250 ton dat op een verrassend klein punt rust. Volgens de overlevering wiebelt hij als u op de goede manier duwt, en wordt hij in verband gebracht met een passage van Plinius de Oudere over een beweeglijke rots op de Cimino. Er even tegenaan duwen hoort erbij: voor kinderen is dat het moment dat blijft hangen.



